OP ZOEK NAAR SAGAPLAATSEN Of je loopt er toevallig tegenaan... Als uitgever en medevertaler van twee IJslandse saga’s ontkom je er natuurlijk niet aan om op IJsland die plaatsen te bezoeken die in de saga’s genoemd worden. Tijdens deze reis zouden allereerst de plaatsen uit de saga van Grettir de Sterke bezocht worden, want gezien de geplande route lagen de West-Fjorden waar de saga van Gisli Surszoon zich grotendeels afspeelt wel heel ver weg.
In 2000, tijdens mijn eerste bezoek aan IJsland, had ik reeds Thingvellir,
met zijn Alding, en de oude boerderij Glaumbćr - genoemd in de saga van
Grettir - bezocht, zonder ooit van IJslandse saga’s gehoord te hebben.
Hoogtepunten van de 2007 fietsreis zouden de bezoeken aan Grettirs
sterfplaats: Drangey (en daarbij: Reykir met zijn Grettislaug) en Grettirs
geboorteplaats: Bjarg, moeten worden. Onverwachte
ontmoetingen In de saga wordt niets gezegd over Grettirs belevenissen, of zijn specifieke aanwezigheid, zo oostelijk in IJsland. Opmerkelijk was dan ook dat op de oost-oever van de Jökulsá á Fjöllum nabij het Vesturdalur zich ook nog een Grettisbćli bevindt. Grettir is blijkbaar alom aanwezig op heel IJsland. Leuk
was het ook toen we bij het bezoekerscentrum van Asbyrgi leerden dat men
hier grote “verdwaalde” stenen, stenen die in het landschap opduiken alsof
ze er niet thuishoren, vaak ook van een heel ander gesteente dan ter plekke
normaal, dat ze die Grettistök (enkelvoud: Grettistak) noemen. Alsof Grettir
ze er eigenhandig heeft neergezet. Een meer natuurlijke verklaring is
dat gletsjers deze enorme keien over vele kilometers hebben meegevoerd
en daar hebben neergelegd toen ze smolten. Geweldig toch dat je als sagaheld je eigen woorden in een taal krijgt. Kun je nagaan wat een impact de Saga van Grettir op de IJslanders door de eeuwen heen gehad moet hebben. (Bij
"Grettistak". Het woord "tak" is afgeleid van "taka"
(Engels: "take"; NL vertaling "Nemen"). Tak betekent
letterlijk "iets in de armen nemen (b.v. om iets op te tillen)".
En als het echt zwaar is dan heb je daar een "Grettir" voor
nodig. Grettistak (meervoud Grettistök) is men later gaan gebruiken voor
iets dat je voor elkaar krijgt wat onmogelijk lijkt te zijn. Met dank
aan: Árni Ţór Eymundsson) Uit
de saga
Gelukkig vinden er opgravingen plaats, althans daar lijkt het sterk
op, want bij mijn aankomst blijkt het gebied totaal verlaten, en kan ik
wat foto’s maken van de fundering van iets dat een gebouwtje moet zijn
geweest. Wat precies weet ik niet, want zoals gezegd, er zijn geen archeologen
aanwezig die ik het vragen kan. Wel weet ik dat Grettir hiervandaan naar
Noorwegen vertrok, nadat hij eerst nog even Thorbjorn de Reiziger het
hoofd had afgeslagen na diens schandelijke opmerkingen over Grettirs vader
(zie H. 37 van de saga). Als bonus kan ik een paar mooie opnamen maken
van de hier talrijk aanwezige regenwulpen. Eenmaal thuis lees ik op Internet dat IJsland bij Gásir binnen vier jaar een levend museum in de vorm van een middeleeuwse stad wil bouwen. Natuurlijk zal daarbij een bezoekerscentrum voor toeristen verschijnen. Het geintje kost 3,3 miljoen Euro! Met in het achterhoofd de vele schatrijke Amerikanen die reeds met talloze cruiseschepen Akureyri aandoen en die hier goed gedropt kunnen worden voor een extra excursie, daarbij de nodige dollars neertellend, lijkt het me weer een idee dat vooral uitgevoerd wordt om geld binnen te halen. Ik weet het niet met die IJslanders. Geld verdienen, oké; aandacht voor hun historie, oké; het onder de aandacht brengen daarvan aan toeristen, oké. Alleen krijg ik vaak het idee dat het bij veel IJslandse projecten alleen nog om geld draait (zie bijvoorbeeld de nieuwe “Blue Lagoon” bij het Mývatn - Reykjahliđ, dat bad is echt niet met liefde gebouwd). En ik vind het met name zo fnuikend omdat IJslanders hun nog levende erfgoed zo makkelijk verkwanselen. Nadat ze bijna hun honden hebben laten uitsterven, doen ze nu vrij gemakkelijk hetzelfde met hun unieke - viking - geiten. Ook weer op Internet valt te lezen dat een kudde van veertig geiten geslacht moest worden omdat de eigenaresse er geen plaats meer voor heeft. Op een totaal aantal van vierhonderd geiten op heel IJsland is dit nogal een genetische aderlating. Ik vind het onvoorstelbaar dat IJslanders - zo rijk, met zo’n groot land - dit zo maar laten gebeuren en geen oplossing weten te vinden. Een boer in een fjord verderop wilde wel tien dieren overnemen, dit werd hem echter verboden door de plaatselijke veearts. Het transport zou de voor schapen (en geiten) dodelijke ziekte scrapie / schuurziekte kunnen verspreiden. De schapenboeren zijn kennelijk nog altijd oppermachtig (ook wat betreft het afschieten van poolvossen).
Ik dwaal nu wel af, maar het is toch ook niet te geloven dat het
enige originele landzoogdier dat IJsland kent (van voor de Kolonisatie)
de poolvos, overal vogelvrij is buiten Hornstrandir (en zelfs daar wordt
illegaal op hem gejaagd). De IJslandse poolvos, die binnen de wereldwijde
poolvossenpopulatie een unieke plaats inneemt in zijn gedrag en ook genetisch
gezien apart is, wordt bejaagd als ware het de pest. IJslandse poolvossen
vormen echt een aparte populatie en zijn niet nauw verwant aan hun Noorse
of Groenlandse collega’s, zo is uit DNA-onderzoek gebleken. Ik zou zeggen
wees er trots op en probeer het dier een zekere plaats te geven in de
wereld die je nalaat aan je kinderen. Rondom
Drangey De meeste toeristen zullen argeloos aan deze plaats voorbijrijden. Ik ben blij dat ik dit stukje van de IJslandse cultuur kan waarderen. Het landschap met al zijn namen krijgt zoveel meer betekenis als je de saga’s kent. Als toegift fotografeer ik hier een familie Bonte Strandlopers. De
volgende grote plaats is Sauđárkrókur en het daarop volgende doel is Reykir
met de warme bron Grettislaug. Reykir is de laatste boerderij aan de doodlopende
weg aan de westzijde van de fjord. Na drie hekken geopend en gesloten
te hebben gaat het al slippend en glijdend met de fiets naar beneden.
Die weg mag ook weleens verbeterd worden. Aan de zee, onder het wakend
oog van Drangey, vind ik twee warme badjes. Het nemen van een bad kost
je tweehonderd kronen. Het geld kun je doen in het speciaal voor dat doel
geplaatste kastje. De meeste mensen betalen inderdaad zo kan ik na afloop
van mijn verblijf daar melden; dat moet ik in Nederland nog maar zien.
Ik betaal ook voor de twee nachten die ik op Reykir kampeer.
Urenlang lig ik in de warme bron die ooit Grettir verkwikt heeft.
Na zijn heroďsche zwemtocht vanaf Drangey kon hij hier weer op temperatuur
komen om daarna, de volgende ochtend, zijn lusten te botvieren op de dienstmeid
van Reykir. Het eigenlijke doel van zijn zwemtocht was het halen van vuur
omdat Glaum, een slaaf die ook op Drangey verbleef, het vuur daar had
laten uitgaan. Het grotere badje was toen ik er was trouwens warmer dan
het kleine. Ik heb me twee dagen uitstekend vermaakt op Reykir. Het leverde me prachtige foto’s van Bontbekplevieren en Noordse Sterns op en een warm saga-hart. Ondanks de mogelijkheden daartoe, tot twee keer toe vroeg de man van de boottochtjes of ik toch niet mee naar het eiland wilde, heb ik me kunnen beheersen. Ooit zal ik daar samen met Bonny heengaan en dan wil ik ook op het eiland zelf een nacht doorbrengen. Genieten van het uitzicht dat Grettir de Sterke de laatste jaren van zijn leven heeft gehad. Het wordt tijd Reykir te verlaten. Na inkopen te hebben gedaan en de nacht te hebben doorgebracht in Sauđárkrókur vervolg ik mijn reis langs de kust. Op het schiereiland Skagi is werkelijk niets van betekenis te vinden, toch kwam de een na de andere camper me tegemoet soms zelfs in colonne. Het moet niet gekker worden! Ook het aantal Toyota Yarisrijders is overweldigend. Wat doen al die mensen hier? Met een duivelsgenoegen constateer ik dat al deze reizigers straks over hetzelfde stuk weg moeten waar ik net over heen ben gekomen. Als een wonder bleef mij een lekke band bespaard op het vlijmscherpe grit. Wat is het geval? Terug, richting Sauđárkrókur, wordt er over een afstand van vele kilometers aan de weg gewerkt en alle fases van het aanleggen van een weg zijn vertegenwoordigd. Lekker jongens, met die campers of huurauto’s. Je houdt op IJsland elke keer weer je hart vast als je een bord ziet met wegwerkzaamheden. Zeker als fietser maar waarschijnlijk ook als automobilist.
Bij het dorpje Skagaströnd is de pijp leeg. Niet gewoon leeg maar
tot meer dan de bodem. Ik breng er een paar dagen door omdat ik doodmoe
ben. Na heel veel vers fruit gegeten te hebben gaat het weer beter. Het
is opvallend hoe snel mijn lichaam reageerde op verse vitaminen. Gezondheid
is - gelukkig - nog altijd niet te verpakken in pillen en doosjes. De
vitaminepillen die ik slikte zijn in elk geval niet op hun taak berekend. Bjarg
Bjarg (Rots) doet zijn naam eer aan. Het is duidelijk waaraan deze
boerderij zijn naam ontleent (en dat is niet altijd het geval bij andere
boerderijen of huizen op IJsland die Bjarg heten). Op dezelfde rotspartij
die Bjarg ongetwijfeld zijn naam gaf is op het hoogste punt, uit alle
windrichtingen duidelijk zichtbaar, het monument ter ere van Asdis geplaatst.
Twee borden informeren de verdwaalde toerist over Grettir- en Asdis’
leven en doen een suggestie voor een rondwandeling. Nu wist ik waar Grettirs
hoofd begraven lag - de rest van zijn lichaam ligt volgens de overlevering
ergens op Reykir - en het is een heel speciaal moment wanneer ik plaatsneem
op die rots. Dichter bij de sagaheld kun je niet komen.
Natuurlijk volg ik de uitgezette wandelroute, althans dat probeer
ik. Gelukkig is het zo, dat bij niet echt toeristische plaatsen de wegmarkeringen
in de loop der seizoenen vaak verloren zijn gegaan. Dat geeft je de gelegenheid
lekker rond te dwalen en de boel zelf te ontdekken. Ik kan het landschap
met zijn grote keien achter de boerderij wel waarderen. Grettir zal daar
heel wat te tillen hebben gehad. Bjarg werd een hoogtepunt en met een gevoel van weemoed neem ik afscheid.
Slechts een auto stopt deze middag bij de informatieborden en die
mensen nemen het ter kennisgeving aan. Miđfjarđarvatn Het is bijzonder grappig als je met IJslanders over saga’s praat en blijkt dat jij er veel meer vanaf weet dan zij. Ik heb het gevoel dat ze zich dat toch behoorlijk aantrekken en zich soms zelf schamen. Het wordt helemaal mooi als blijkt dat je zelfs speciaal naar IJsland bent gekomen om saga-plaatsen te bezoeken. Dat vinden ze echt apart. Ik begrijp die haat - liefde relatie van (jonge) IJslanders met hun saga’s wel. Klaarblijkelijk is het lezen van sommige saga’s verplicht op de middelbare school. En bij lezen blijft het niet, daar zal ook de nodige nadere uitleg wel bij horen. Van mijn eigen middelbare schooltijd weet ik dat er geen betere manier is om alle liefde voor lezen of een goed verhaal uit iemand te rammen door hem te verplichten iets te lezen en tot op het bot te laten ontleden. Het lezen is dan nog niet eens het ergste. De zogenaamde secundaire literatuur die ingaat op de veronderstelde diepere betekenis van het gelezen boek, en die je ook verplicht bent te bestuderen, doet vervolgens zijn alles vernietigende werk. Wat een totale onzin! Twintig jaar na mijn middelbare school tijd heb ik voor het eerst weer Nederlandse literatuur gelezen. NederRijn College bedankt! Ik kan me voorstellen dat bij de IJslandse jeugd iets soortgelijks speelt met betrekking tot de saga’s. Illustratief is in elk geval het volgende. Ik wilde in Akureyri de film “The Outlaw” die gaat over de saga van Gisli Surszoon op DVD kopen. Dat bleek nog niet gemakkelijk. Ten eerste lag die nergens in de winkel en vervolgens raadde in de derde winkel die we bezochten de jeugdige verkoper ons ten zeerste af deze film te kopen en met name te bekijken. Hij schaamde zich oprecht voor de film en de daarin geleverde acteerprestaties van zijn landgenoten. Het was een zeer grappige ontmoeting. Buitenlanders die koste wat kost die in zijn ogen zeer slechte IJslandse film wilde hebben. Hij gaf ons nog net geen geld om ons te weerhouden de film te zien. Ik heb de film op video gezien en kan die jongen niet anders dan merendeels gelijk geven. Ik heb die film vrijwillig gezien, maar hij en zijn medeleerlingen moesten er verplicht naar kijken. Ja, toedeledokie, dan is de kans levensgroot dat je voor de rest van je leven genoeg hebt van alles wat met saga’s te maken heeft!
Uiteindelijk heb ik de film in een al eerder bezochte winkel kunnen
bestellen. Later bij het ophalen bleek dat de beloofde Engelstalige ondertiteling
er toch niet bij zat. Toen heb ik die beker ook maar aan mij voorbij laten
gaan. Het
Miđfjarđarvatn blijkt niet iets specials. Het meer ligt gewoon langs de
Ringweg en na snel een fotootje gemaakt te hebben ben ik weer op pad gegaan.
Het is echter wel een logische plaats om daar de balspelen te houden zoals
ze in de saga worden genoemd. Forsaeludalur
/ Schemerdal
Auđunarstađir, de boerderij waar de Auđun die met Grettir vocht
woonde en waar hij later goede vrienden mee werd, blijkt te ver van de
weg te liggen om er heen te gaan. Ik stuur de fiets richting het Vatnsdalur.
Een tocht door dat dal is echt de moeite waard. Weinig tot geen toeristen,
veel geschiedenis en een mooi landschap. Ik dring door tot in het diepst
van het dal tot het gedeelte dat Forsaeludalur (Schemerdal) heet. Het
was daar op Thórhallstađir dat Grettir vocht met Glam, de onreine geest
die Grettirs lot bezegelde. Op de laatste boerderij in het Forsaeludalur mag ik van de boer mijn tentje opslaan voor de nacht. (Thórhallstađir zelf ligt meer voorin het dal en ook nog op de andere rivieroever, zo ongeveer bij het bruggetje) Dat was helemaal top! Wederom had de saga-schrijver zijn werk goed gedaan. Het is de perfecte plek voor zo’n episch gevecht, je zou bijna denken dat het allemaal echt is gebeurd!
Vanaf de boerderij ben ik nog dieper het dal in gelopen. Volgens
een toeristenkaart zou er een gemarkeerde wandelroute zijn naar een waterval.
Ik bereik de waterval zonder een gekleurd paaltje te hebben gezien en
heb me een paar keer afgevraagd of deze avontuurlijke klauterpartijen
echt bij de route hoorden (dat bleek zo te zijn). Opeens ligt de verlaten
Dalfoss voor me. Wederom een beloning voor het afwijken van de gebaande
paden. Er zijn nachten geweest dat ik minder tevreden insliep. Op een gegeven moment was ik ook nog van plan naar de West-Fjorden te gaan voor de Saga van Gisli Surszoon. Mijn verstand zei me dat ik dat fysiek nooit gered zou hebben en heb dit dan ook uit mijn hoofd gezet en bewaar het tot een volgende reis - een enkele keer neem ik een verstandige beslissing.
In Thórsmörk - Grettisskarđ bij de Stakkholtsgjá - kwamen we nog
eenmaal een verwijzing naar Grettir tegen en ik weet zeker dat ik er onderweg
nog vele heb gemist. Wat één man zijn stempel kan drukken op een land!
Zo is er, om mee af te sluiten, jaarlijks, in augustus, een Grettir festival
waar sterke mannen en vrouwen strijden om de Grettir cup. En niet te vergeten:
er is zelfs een kaas naar hem genoemd! Geweldig! Tonny Buijs Januari 2008
|