Gásir
"Ik
heb jullie niets te vertellen," zei hij, "behalve dat ik ervan
uitga dat Asmund, de krijger van Bjarg nu dood is."
De meesten waren het erover eens dat een waardig man de wereld had verlaten.
"Hoe is het gebeurd?" vroegen zij.
"Die krijger kwam niet groots aan zijn eind," antwoordde Thorbjorn.
"Hij stikte als een hond in de rook van zijn eigen haard. Maar
het is geen verlies, want hij was toch al seniel."
"Wat een vreemde manier om over zo'n man te praten," zeiden
zij. "Grettir zou er niet blij mee zijn als hij dit hoorde."
"Dat kan ik verdragen," zei Thorbjorn. "Grettir zal zijn
kort-zwaard hoger moeten heffen dan hij afgelopen zomer deed bij Hrutafjardarhals
voordat ik bang van hem word."
Grettir hoorde elk woord dat Thorbjorn zei, maar onderbrak hem niet
zolang hij aan het woord was.
Toen hij was uitgepraat, zei Grettir: "Ik voorspel, Reiziger, dat
jij niet zult sterven door de rook uit jouw haard en wellicht zul je
ook niet van ouderdom sterven. Het is merkwaardig zo minachtend te praten
over onschuldige mannen."
"Mijn
voorspellingen zijn over het algemeen geen lang leven beschoren,"
zei Grettir, "en dat zal ook nu het geval zijn. Verdedig jezelf,
als je wilt. Je zult er nooit een betere gelegenheid toe krijgen."
Toen sloeg Grettir naar Thorbjorn die zijn arm hief om de slag af te
weren. Maar deze raakte zijn arm boven de pols, het zwaard schampte
af en trof zijn nek, zodat zijn hoofd er af vloog. De handelaren verklaarden
dat het een voortreffelijke slag was....